DICA congres 2017
 

Highlights uit de registraties

Het DICA Jaarverslag 2015 is dikker dan in andere jaren. Met de viering van het eerste lustrum presenteert DICA dan ook niet alleen de resultaten. Wat is er nodig om tot die betrouwbare en vergelijkbare kwaliteitsinformatie te komen?

112 pagina's waren er nodig om 2015 samen te vatten. Het jaarverslag, dat als titel Quality, it's about you draagt, laat in vogelvlucht zien welke resultaten er in de DICA-registraties zijn behaald. 23 zijn het er inmiddels, te veel om hier allemaal aan bod te laten komen. We lichten er acht uit.   

Theo Wiggers (DSCA): "We zijn de oudste registratie en spreken al bijna niet meer over proces- en structuurindicatoren. Het gaat nu vrijwel alleen nog over uitkomstindicatoren. Over de hele lijn zien we de variatie dalen en het gemiddelde stijgen. Zowel bij colon- als rectumcarcinoom nemen complicaties en mortaliteit af. We zien nu ook effecten van de onlangs ingevoerde darmkankerscreening, die tot een hogere opsporing van vroege kankergevallen leidt. Of we zeven jaar geleden direct met uitkomstindicatoren hadden kunnen beginnen? Nee. Je moet de professionals te tijd geven om wakker geschud te worden!"

Willemien van Driel (DGOA): "Deze registratie loopt sinds december 2013, bestaat uit vier deelregistraties en registreert 4500 patiënten per jaar. Het verst gevorderd zijn we met ovariumcarcinoom waar nu 90% van de patiënten geregistreerd wordt. Bij andere carcinomen is dit soms maar de helft. Een belangrijke ontwikkeling is dat de patiënten geregistreerd worden in het ziekenhuis waar zij behandeld worden, ook als dit er meerdere zijn. We starten dit jaar met PROMs en hebben daar hoge verwachtingen van. Nu artsen de resultaten van de registratie zien, neemt hun enthousiasme merkbaar toe."

Ruben Schouten (DATO): "Aan deze registratie doen alle bariatische klinieken mee. Dat waren er tot kort geleden nog twintig, maar door de recente volumenorm van honderd, is dat aantal gedaald naar achttien. Promovendus Youri Poelemeijer van DICA heeft in kaart gebracht hoe de patiënt zelf de zorg en kwaliteit van leven na de ingreep ervaart. Dat levert een zeer mooie diagram op! We streven in de komende jaren naar een volledige en langdurige follow-up. Er is een taskforce die onderzoekt hoe we ervoor zorgen dat de PROMs-lijsten altijd worden ingevuld."

Marc Mureau (NBCA): "We hebben een aantal PROMs-vragenlijsten opgesteld en vervolgens bepaald wat het beste moment is deze te laten invullen. Het moeilijkste is dit te implementeren. Daar heb je een webportal voor nodig. Nadat we twaalf partijen hadden aangeschreven, hebben we er drie geselecteerd. De uitrol is onlangs van start gegaan in 22 ziekenhuizen. Zo hopen we snel de kinderziektes eruit te halen. Wij zijn ervan overtuigd dat je PROMs kunt gebruiken om de uitkomsten van borstbesparende operaties te onderzoeken. Daarmee zal de focus verschuiven van zorgproductie naar zorguitkomsten."

Hans Smit (DLCA): " We hebben chirurgische, radiotherapeutische en andere behandelingen van longkanker samengebracht in één registratie. Nu kunnen we echt kijken wat de uitkomsten van de interventies zijn. We zijn voorjaar 2016 van start gegaan. Ons streven is dat elke patiënt maar één keer wordt geregistreerd, welk behandelingstraject hij of zij ook doorloopt."

Koos van der Hoeven (DMTR): "In 2012 kwamen er nieuwe medicijnen tegen melanoommetastase, met potentieel ernstige bijwerkingen en kosten van 80.000 euro voor vier behandelingen. De minister verplichtte ons een register op te zetten in 14 centra. De resultaten zijn hoopgevend. De overleving op lange termijn kan, zeker bij een combinatie van middelen, met 40% toenemen. En het aantal patiënten dat door de behandeling overlijdt was in de trial 3% maar bij ons slechts 0,3%. De centralisatie is dus goed gelukt. Alle patiënten profiteren en we hebben een unieke database voor nadere analyse."

Hinne Rakhorst (DBRI): "We weten niet hoeveel Nederlandse vrouwen borstimplantaten hebben. We schatten 1 op de 30. Per jaar worden circa 25.000 prothesen ingebracht, 30% is reconstructief, 70% esthetisch van aard. Het doel van de registratie is een goede recall procedure te ontwikkelen die onafhankelijk is van klinieken. Maar ook benchmarking. We streven naar zo min mogelijk data en die moet in 3 tot 5 minuten zijn in te vullen. In 2015 zijn 14.000 implantaten geregistreerd."

Rob Tollenaar (voorzitter DICA): "Met kwaliteitsregistraties maken we de sector volwassen. In het verleden wisten artsen niet van elkaar wat ze deden. Nu wel. De volgende stap is geweest dat we het professionele perspectief verbinden aan het patiëntperspectief. Het gaat niet meer om productie, maar om de waarde voor de patiënt. We willen leren, kosten reduceren en voor de patiënt meer waarde creëren. Met een monodisciplinaire aanpak zijn we er niet. We hebben inmiddels negen multidisciplinaire en vier patient centered registraties. PROMs zijn toegevoegd aan vijf registraties en kostenregistraties bij zeven. We brengen het hele zorgpad in kaart. Van eerstelijnszorg tot nazorg."

DICA zoekt nieuwe collega's. Bekijk onze vacatures op onze website.

mojoimagealt-3862-alt