DICA congres 2017
 

‘De arts blijft een ster, maar wel in een groter zonnestelsel’

Value based health care heeft de toekomst. Maar er is nog geen land ter wereld waar een dergelijk zorgstelsel al functioneert. We moeten leren van deelsuccessen, was de conclusie van de plenaire ochtendsessie op de tweede dag van het DICA Congres 2017.

Bureaucratie en frustraties
De zorgkosten in de Westerse wereld stijgen al jaren veel harder dan het nationaal product en we zijn niet in staat die trend te stoppen. Zo begon de Zweeds Stefan Larsson, senior Partner and Managing Director The Boston Consulting Group, zijn presentatie. ‘De genomen maatregelen om kosten in te dammen, hebben vooral tot meer bureaucratisering geleid en tot grote frustraties bij zorgprofessionals die zich in hun autonomie beperkt voelen. Dit uit zich in een hoog ziekteverzuim en tal van stressgerelateerde klachten.’

‘That matters for patients’
De oplossing zit niet in nog meer regels en nog meer kostenbesparing, denkt Larsson. Hij pleitte voor het sturen op ‘outcomes that matters for patients’, op waarde dus. Anderhalf jaar geleden begon de Boston Consulting Group met het inventariseren van best practices op gebied van VBHC in de wereld. Patiëntgroepen segmenteren en per segment zoeken naar de beste aanpak; dat is voor Larsson de kern van VBHC. Een van de voorbeelden is de aanpak van hartziekten in Atlanta, waar meer kwaliteit en lagere kosten onder meer worden bereikt door een betere samenwerking van dertig betrokken partijen.

Verander de context
‘Wat we overal zien, is dat het om gedragsverandering gaat. Artsen en verpleegkundigen hebben altijd de patiënt centraal gezet,’ zei Larsson, ‘maar dit geldt niet voor zorgbestuurders en beleidsmakers. Zij zijn gewend vanuit andere stuurinformatie te denken en te beslissen.’ Zijn boodschap: stuur artsen niet naar een managementtraining om hen management¬vaardigheden te leren, maar verander de context waarin zij moeten werken. ‘Bestuurders moeten minder naar het budget vragen en meer naar de patiënt.’ Een andere context resulteert volgens de Zweed automatisch in een andere cultuur.

Een praktijkervaring
Daarna was het woord aan Stockholmer Eskil Degsell. Hij is ondernemer die zich met big data in de zorg bezig houdt. Maar hij stond op het podium als de echtgenoot van een vrouw met een hersentumor. Aangrijpend was zijn verhaal over de emotionele achtbaan waarin beiden verzeild raakten toen bleek dat zij zwanger was en het Karolinska ziekenhuis in Stockholm haar behandeling stopzette: volgens de Zweedse wet gaat het belang van het ongeboren kind boven dat van de moeder.

Data is nog geen informatie
Maar datzelfde Karolinska vroeg Degsell in maart 2015 aan tafel om te komen praten over de zorg aan patiënten met een hersentumor. ‘Ik was geschokt te ontdekken dat 15 jaar van hersentumorregistratie eigenlijk geen zinvolle informatie had opgeleverd. Het ziekenhuis kon alleen praten over overlevingspercentages en aantallen complicaties. Dat was niet hoe ik naar de zorg voor mijn vrouw keek.’ Toch had Degsell een positief verhaal. Hij vertelde hoe hij in staat was de visie van het ziekenhuis op kwaliteit van zorg te veranderen. ‘Men heeft meer oog gekregen voor kwaliteit van leven, ook van de mantelzorgers om de patiënt heen. Bovendien is het besef doorgebroken dat patiënten niet alleen formele zorg genieten maar ook veel informele zorg en wat het belang van bijvoorbeeld mantelzorgers is. Het ziekenhuis is maar een onderdeel van de behandeling.’

Digital first
Dit sloot naadloos aan bij wat zorgondernemer Lucien Engelen te vertellen had. De directeur van het REshape Innovation Center van het Radboud UMC voorspelde dat de gemiddelde Nederlander over niet al te lange tijd een apparaat in huis heeft staan waar-mee tientallen lichaamsfuncties kunnen worden gemonitord. Het zal ertoe leiden dat de patiënt veel beter geïnformeerd, en wellicht eerder, naar zijn dokter zal stappen. ‘En wie van u heeft een iPhone?’ vroeg hij de zaal. Die telefoon heeft functies die allerlei gezondheids¬para¬me¬ters kunnen registreren. ‘Digital first, physical next’, vatte hij zijn toekomstvisie samen.

Vier D’s
Dit betekent voor artsen dat zij zich meer in het universum van de patiënt moeten verplaatsen. Ja, de dokter is nog steeds een ster, maar hij maakt deel uit van een groter zonnestelsel. Daarmee bedoelde Engelen dat de patiënt steeds meer techniek tot zijn beschikking zal krijgen waarmee hij/zij de regie over de eigen gezondheid zal voeren en zorg op afstand eenvoudiger wordt. Daarmee kwam Engelen tot vier D’s die de toekomst van de zorg gaan bepalen. Zorg is DELOCALIZED, waarbij het ziekenhuis niet meer het centrum is maar zorg op veel plekken plaatsvindt. Zorg is DEMOCRATIZED omdat data en (internet)technologie de machtsverhoudingen heeft veranderd. Dit sluit aan op de derde D van DIGITAL, waarvan Engelen in zijn presentatie treffende voorbeelden gaf. En tot slot gaat het om DOLLARS, geld blijft een dominante kracht in de zorg.

Geld en vertrouwen
Op dat laatste ging dagvoorzitter Tom van ‘t Hek door. De macht van het geld wordt gewantrouwd in de zorg, hield hij Engelen voor. Is hij niet te positief over bedrijven met innovaties die vooral geld aan de zorg willen verdienen? Engelen antwoordde dat dit een kwestie van vertrouwen is. ‘We vertrouwen ook op de producten van beursgenoteerde farmaceuten, die eveneens in de markt zijn om geld te verdienen.’ Zoals we ook moeten leren vertrouwen op de kracht van big data, reageerde hij op een kritische vraag uit de zaal of we echt dag en nacht gemonitord willen worden door onze iPhone. Engelen: ‘Als je horloge kan voorspellen dat er een hypo zit aan te komen, dan vindt iedereen het een goede zaak dat de suikerpatiënt een seintje krijgt dat hij/zij de auto beter aan de kant van de weg kan zetten.’